kosten-incassopartner-debiteurenbeheer

Wat kost debiteurenbeheer u werkelijk? Een rekenmodel voor de verborgen kosten

De meeste organisaties kennen precies één getal als het over debiteurenbeheer gaat: de factuur van hun incassopartner. Dat is begrijpelijk, want het is de enige post die als zodanig in de financiële administratie staat. Maar wist u dat deze factuur eigenlijk het kleinste deel van de rekening is?

De werkelijke kosten van openstaande facturen zitten verspreid over uw personeelsbegroting, uw rentelasten, uw ICT-kosten en uw resultatenrekening. Ze staan nergens bij elkaar en worden daarom zelden bij elkaar opgeteld. Het gevolg is een structurele onderschatting: organisaties denken dat debiteurenbeheer duizenden euro's kost, terwijl het in de praktijk vaak 3% tot 5% van de gefactureerde omzet is.

In dit artikel vindt u een rekenmodel waarmee u die volledige kostprijs zichtbaar maakt, een vergelijking van drie inrichtingsvarianten, en een eerlijke uitleg van wat een no-cure-no-pay-model wel en niet voor u betekent.

De vijf kostenposten die u bij elkaar moet optellen

Hieronder een overzicht van kosten die direct of indirect met debiteurenbeheer te maken hebben.

1 • Interne behandeltijd

De interne behandeltijd is waarschijnlijk de grootste verborgen post. Het gaat niet alleen om de medewerker die aanmaningen verstuurt, maar om alle uren die aan een openstaande post kleven: telefonisch nacontact, e-mailcorrespondentie, het beoordelen van betwistingen, het opstellen en bewaken van betalingsregelingen, overleg met de accountmanager die de klantrelatie beheert, en de tijd van uw controller bij de maandafsluiting.

Reken hier met een belaste kostprijs per uur, dus inclusief werkgeverslasten en overhead, en niet met het brutosalaris. Voor een medewerker debiteurenbeheer komt dat doorgaans uit tussen de €45 en €65 per uur.

2 • Systeem- en licentiekosten

Creditmanagementsoftware, koppelingen met uw ERP- of facturatiesysteem, de kosten van uitgaande post en berichtenverkeer, en het onderhoud van die koppelingen. Deze post is meestal wel bekend, maar wordt zelden aan het aantal behandelde posten toegerekend.

3 • Financieringskosten van uw werkkapitaal

Elke dag dat een factuur openstaat, financieert u uw klant. De rekensom is eenvoudig: het verschil tussen uw feitelijke DSO en uw contractuele betaaltermijn, vermenigvuldigd met de uitstaande portefeuillewaarde en uw kapitaalkosten.

Dit is de post die het snelst beweegt wanneer u uw proces verandert. En precies daarom de post die het overtuigendst is in een businesscase voor uw organisatie.

4 • Afboekingen en oninbaarheid

De grootste absolute kostenpost bij vrijwel elke organisatie, en tegelijk de post die het minst als "kosten van debiteurenbeheer" wordt gezien. Ten onrechte: het percentage dat u afboekt is grotendeels een functie van hoe snel en hoe consequent u handelt. Een post die na 90 dagen nog niet is opgevolgd, heeft aantoonbaar een lagere inbaarheid dan dezelfde post na 30 dagen.

5 • Escalatiekosten en niet-verhaalbare verschotten

Verschotten zijn de bedragen die uw incassopartner namens u voorschiet aan derden: griffierecht, betekeningskosten, informatiekosten uit het Handelsregister of de BRP, beslagkosten. Bij toewijzing worden ze in beginsel op de debiteur verhaald, maar het risico ligt bij u. Verliest u de procedure of biedt de debiteur geen verhaal, dan blijven ze aan uw kant liggen. Ze horen bij de gerechtelijke fase. In een traject dat vrijwel volledig minnelijk wordt afgewikkeld, komt u ze nauwelijks tegen.

Daarnaast is er nog een categorie die zich niet laat becijferen maar wel bestaat: klantverlies door een te harde benadering, reputatieschade, en de aandacht van uw collega's die naar incassodossiers gaat in plaats van naar uw core werkzaamheden.

Het rekenmodel: per 1.000 openstaande posten

Onderstaande berekening is opgesteld voor een portefeuille van 1.000 openstaande posten met een gemiddelde factuurwaarde van €850 (De aannames zijn illustratief. Vervang ze door uw eigen cijfers).

Uitgangspunten

Parameter Aanname
Aantal posten 1.000
Gemiddelde factuurwaarde €850
Portefeuillewaarde €850.000
Aandeel dat zonder actie op tijd betaalt 70%
Contractuele betaaltermijn 30 dagen
Feitelijke DSO 52 dagen
Kapitaalkosten 6%
Belaste kostprijs medewerker €55 per uur

Kostenopbouw bij volledig intern beheer

Kostenpost Berekening Bedrag
Interne behandeltijd, regulier 300 posten x 25 minuten x €55 €6.875
Interne behandeltijd, escalatie 60 posten x 45 minuten x €55 €2.475
Systeem- en licentiekosten Toegerekend per 1.000 posten €1.000
Financiering werkkapitaal €850.000 x (22/365) x 6% €3.074
Afboekingen 2,5% van €850.000 €21.250
Niet-verhaalbare dossiers 10 dossiers x €300 €3.000
Totaal   €37.674

Dat is €37,67 per openstaande post en 4,4% van de totale portefeuillewaarde. Dit staat tegenover een incassofactuur die in de perceptie van veel organisaties de hele kostenpost vormt.

Wat "no cure no pay" precies betekent

Voordat we de scenario's naast elkaar zetten, is het goed om het vergoedingsmodel scherp te krijgen. Bij Ultimoo werken we vaak op basis van no cure no pay, met drie mogelijke uitkomsten per dossier.

Bij volledige betaling komen de wettelijke incassokosten toe aan Ultimoo. U betaalt niets uit eigen kas: geen fee, geen dossierkosten, geen abonnement. De vergoeding wordt gedragen door de debiteur die te laat betaalde.

Bij een deelbetaling of betalingsregeling ontvangt Ultimoo een provisie over het geïncasseerde bedrag. Ook hier geldt: geen resultaat betekent geen provisie, en de vergoeding beweegt mee met wat er daadwerkelijk binnenkomt.

Blijft betaling uit, dan draagt Ultimoo de kosten van het traject. Het risico op mislukte dossiers ligt niet bij u.

Eén nuance hoort daarbij, en die laten wij liever zelf zien dan dat u haar later ontdekt: de wettelijke incassokosten zijn juridisch van u. De debiteur is ze aan u verschuldigd omdat hij in verzuim is. Draagt u ze over als vergoeding voor onze diensten, dan betaalt u niet met geld uit uw kas, maar met een opbrengst waar u recht op had.

De relevante vraag is dus niet of dit gratis is, maar of u die opbrengst in de huidige situatie werkelijk realiseert. In de praktijk factureren de meeste organisaties incassokosten zelden en innen ze nog minder vaak. Het vergt een correcte aanzegging, consequente opvolging en de bereidheid om erover te onderhandelen. Realiseert u ze nu niet, dan is de overdracht voor u geen kostenpost. Realiseert u ze wel, dan hoort dat bedrag in uw vergelijking thuis. Wij hebben het daarom als aparte geheugenpost in de tabel gezet, en niet weggelaten.

Drie inrichtingsvarianten vergeleken

Wat gebeurt er met dat totaal wanneer u het proces anders inricht? In de hybride variant behandelt u zelf tot dag zestig en draagt u daarna over. In de uitbestede variant gaat de post na de eerste herinnering over.

Kostenpost Volledig intern Hybride Volledig uitbesteed
Interne behandeltijd €9.350 €5.100 €2.900
Systeem en licenties €1.000 €1.000 €400
Financiering werkkapitaal €3.074 €2.100 €1.400
Afboekingen €21.250 €15.300 €11.900
Verschotten €3.000 €2.200 €1.500
Vergoeding incassopartner €0 €0 €0
Totaal uit eigen kas €37.674 €25.700 €18.100
Per post €37,67 €25,70 €18,10
Geheugenpost: afgestane incassokosten €0 €9.200 €13.800

De geheugenpost is geen uitgave, maar gederfde opbrengst: de wettelijke incassokosten over de dossiers die volledig worden voldaan. Realiseert u die vergoeding vandaag niet zelf, dan telt hij voor u niet mee. Realiseert u hem wel, dan legt u hem naast de besparing van bijna €20.000 op de overige posten.

Als we kijken naar de getallen in bovenstaande tabel, zijn er een aantal zaken die opvallen.

De winst zit in inbaarheid, niet in efficiëntie. Van het verschil tussen intern en uitbesteed komt bijna €9.400 uit lagere afboekingen. Snelheid en consequent opvolgen bepalen uw resultaat sterker dan de kostprijs per behandeling, en sterker dan welk vergoedingsmodel dan ook.

Uw kosten worden variabel in plaats van vast. Dit is voor veel organisaties belangrijker dan het absolute bedrag. Interne capaciteit is een vaste last: u betaalt uw team ook voor dossiers die uiteindelijk niets opleveren. Bij no cure no pay beweegt de vergoeding mee met het resultaat. Voor een portefeuille met schommelend volume of onzekere inbaarheid neemt dat een reëel risico van uw balans.

Uitbesteden is geen alles-of-niets-keuze. De hybride variant levert bijna een derde besparing op, terwijl u de klantrelatie in de eerste 60 dagen volledig in eigen hand houdt. Voor organisaties waarbij het eerste contact commercieel gevoelig ligt, is dat vaak het verstandigste startpunt.

Waarom de provisie bij deelbetaling ertoe doet

Er zit een ontwerpfout in zuivere no cure no pay, en het is verstandig om die te kennen voordat u een partner kiest.

Verdient een incassopartner uitsluitend bij volledige betaling, dan ontstaat een prikkel om te sturen op het volle bedrag. Een debiteur die aanbiedt om €50 per maand af te lossen, levert dan namelijk niets op. Zo'n dossier wordt commercieel oninteressant, met als gevolg dat er wordt geduwd waar ruimte had moeten zijn, of dat het dossier stilvalt.

Precies daarom vergoedt Ultimoo ook deelbetalingen met een provisie. Een betalingsregeling levert inkomsten op, dus er is geen commerciële reden om een debiteur met beperkte draagkracht op te geven of te forceren. De belangen lopen gelijk: u wilt uw geld, de debiteur wil een haalbaar pad, en wij krijgen een vergoeding over wat er werkelijk binnenkomt.

Dat is geen kwestie van bedrijfscultuur maar van inrichting. Bovendien verklaart het waarom in 2024 en 2025 slechts 0,5% van onze dossiers in een juridische procedure eindigde en 99,5% minnelijk werd opgelost. Op onze pagina met resultaten vindt u de onderbouwing daarvan.

De randvoorwaarde: uw incassokosten moeten opeisbaar zijn

Dit model staat of valt met één ding. Zijn de incassokosten niet rechtsgeldig verschuldigd, dan kunnen ze niet worden verhaald, en verdwijnt de basis eronder.

Twee situaties om te controleren voordat u overstapt:

Bij consumenten is een correcte 14-dagenbrief verplicht. De termijn moet ingaan op de dag ná ontvangst, het exacte bedrag aan incassokosten moet worden genoemd, en de aanzegging moet aantoonbaar zijn verzonden. Een fout in die brief betekent dat de kosten niet opeisbaar zijn, hoe terecht uw vordering verder ook is.

Bij zakelijke klanten mag u van de wettelijke staffel afwijken, mits uw algemene voorwaarden dat regelen én die voorwaarden rechtsgeldig van toepassing zijn verklaard bij het sluiten van de overeenkomst. Verwijst u er pas naar op de factuur, dan is dat doorgaans te laat.

Loont het om dit te laten toetsen? Vrijwel altijd. Het is een controle van een halve dag die bepaalt of u de kosten van uw eigen debiteurenbeheer op de juiste partij kunt neerleggen.

Waar het model in de praktijk misgaat

Vier valkuilen die uw berekening onbruikbaar maken:

  • U rekent met brutosalarissen. Zonder werkgeverslasten en overhead onderschat u de interne kosten met dertig tot veertig procent.
  • U vergeet de posten die op tijd betalen. Ook een portefeuille die grotendeels netjes betaalt, kost geld aan systeem, bewaking en financiering. Reken die kosten toe aan het geheel, niet alleen aan de probleemgevallen.
  • U neemt afboekingen niet mee. Dit is de meest voorkomende fout, en de meest ingrijpende. Wie afboekingen buiten het model laat, vergelijkt twee scenario's op de kleinste helft van de kosten.
  • U vergelijkt uw huidige DSO met een theoretisch optimum. Werk met realistische verbeteringen op basis van wat een partner aantoonbaar heeft gerealiseerd bij vergelijkbare portefeuilles, en vraag daar bewijs voor. Op onze pagina met resultaten vindt u de cijfers waarmee wij dat onderbouwen.

Zo maakt u de berekening voor uw eigen organisatie

Vier stappen, uit te voeren met gegevens die u al heeft:

  1. Bepaal uw volume en portefeuillewaarde. Aantal openstaande posten en gemiddelde factuurwaarde over de laatste twaalf maanden.
  2. Meet uw werkelijke behandeltijd. Laat uw team twee weken bijhouden hoeveel tijd naar debiteurenbeheer gaat, inclusief telefonie en overleg. Vrijwel altijd blijkt dit hoger dan geschat.
  3. Bereken uw DSO-gat. Feitelijke DSO minus contractuele betaaltermijn, vermenigvuldigd met portefeuillewaarde en kapitaalkosten.
  4. Haal uw afboekingspercentage uit de jaarrekening. De mutatie in uw voorziening dubieuze debiteuren plus de definitieve afboekingen, gedeeld door de gefactureerde omzet.

Telt u die vier bij elkaar op, dan heeft u binnen een halve dag een getal waarmee u een gefundeerd gesprek kunt voeren. Zowel intern over uw inrichting, als extern over uw partnerkeuze.

Veelgestelde vragen

Waarom telt u afboekingen mee als kosten van debiteurenbeheer? 
Omdat het percentage dat oninbaar blijkt grotendeels wordt bepaald door hoe snel en hoe consequent u opvolgt. Een post die maanden blijft liggen, verliest inbaarheid. Wie afboekingen buiten de berekening laat, vergelijkt alleen de kleinste kostenposten met elkaar.

Is uitbesteden altijd goedkoper dan intern beheer?
Nee. Bij een kleine portefeuille met hoge factuurwaarden en een sterke persoonlijke klantrelatie kan intern beheer verstandiger zijn. De omslag ligt doorgaans bij volume: zodra behandeling routinematig wordt en niet langer maatwerk is, wint uitbesteding op alle kostenposten tegelijk.

Wat is een realistisch afboekingspercentage?
Dat verschilt sterk per sector en per klantsegment. Belangrijker dan het absolute percentage is de ontwikkeling ervan en de vergelijking met vergelijkbare organisaties. Vraag een potentiële partner altijd naar het effect op inbaarheid bij portefeuilles zoals de uwe.

Hoe snel ziet u effect op uw DSO?
Het eerste effect is doorgaans binnen één tot twee facturatiecycli meetbaar, omdat het vooral voortkomt uit snellere en consequentere opvolging. Structurele verbetering van het afboekingspercentage vraagt langer, omdat die ook de instroom van nieuwe posten betreft.

Wat is het verschil tussen debiteurenbeheer en incasso?
Debiteurenbeheer omvat het volledige traject vanaf facturatie: bewaking, herinneringen en het onderhouden van contact voordat er sprake is van verzuim. Incasso begint waar dat traject niet tot betaling heeft geleid. Op onze pagina over debiteurenbeheer leest u hoe wij beide stadia inrichten.

Van rekenmodel naar gesprek

Een kostenmodel is geen doel op zich. De waarde ervan zit in wat het zichtbaar maakt: dat de discussie over debiteurenbeheer zelden gaat over de post waar het geld daadwerkelijk weglekt.

Wilt u dit model toepassen op uw eigen portefeuille? Wij rekenen het graag met u door, op basis van uw cijfers en zonder verplichtingen. Neem contact op of plan een terugbelverzoek. Dan weet u precies wat er kan gebeuren in uw specifieke situatie.